De 7 mooiste treinreizen van Europa: van de Bergensbanen in Noorwegen tot de Douro-vallei in Portugal
Met de trein is altijd een beetje reizen. En steeds vaker hoor je met superlatieven strooien als het over treinreizen gaat. Een deel daarvan is zeker terecht, je zit comfortabel en je bent relatief snel op je bestemming. Maar welke treinrit is nu echt de moeite waard voor een reis?
In dit artikel zetten we de 7 mooiste treinreizen op een rij. Niet alleen om je te inspireren, maar om je meteen ook op weg te zetten naar je favoriete bestemming!
Inhoud artikel
Met de trein door Europa
Treinreizen door Europa: iedereen heeft er wel een mening over. Voor de ene is het de meest ontspannen manier om een land te ontdekken, voor de andere is het vooral wachten op perrons en overstappen die net niet lukken. Soms voelt zelfs een reis naar een buurland onmogelijk. Toch zorgt een reis met de trein voor veel voordelen. Je zit comfortabel, staat op wanneer je wil, haalt een broodje in het restaurant-rijtuig of staart gewoon uit het raam terwijl het landschap voorbijglijdt, en het station ligt bijna altijd middenin de stad.
Maar de juiste keuze is belangrijk! Van Brussel naar Oslo is misschien niet de leukste reis, toch kan je vaak eens bewuster kiezen voor trager reizen. Je kijkt uit over de fjorden, de wijngaarden en de bergpassen terwijl je kilometers maakt. Laat je inspireren door ons lijstje en wie weet reis je volgende keer wel met de trein. Niet alleen uit principe, maar voor de mooiste reisverhalen.
Op de kaart
Van Noorwegen tot Portugal en van de mooiste filmlocaties tot de hoogste bergen in Europa, met de trein geraak je overal. Op de kaart vind je alle begin- en eindstations van de mooiste treinreizen van Europa.
Oslo-Bergen: de Bergensbanen
Bijna zeven uur zit je in deze trein, en toch is de kans klein dat je je verveelt. De Bergensbanen is een fantastische treinrit door de Noorse natuur en begint in het aangename Oslo, klimt geleidelijk de bergen in en bereikt bij het plaatsje Finse zijn hoogste punt op 1.222 meter, boven de boomgrens en tussen de sneeuwvelden. Vandaar daalt de trein via steeds groenere valleien af naar Bergen, aan de westkust, waar het meestal regent zodra je aankomt. Dat hoort er gewoon bij.
De lijn werd in 1909 volledig voltooid en verbindt sindsdien de twee grootste steden van Noorwegen. De rit is 496 km lang, in doorgaans 6,5 tot 7 uur, afhankelijk van de verbinding. De goedkoopste tickets gaan ongeveer drie maanden op voorhand in verkoop en zijn in het hoogseizoen snel weg. Wie op het laatste moment boekt, betaalt fors meer voor exact dezelfde rit. Plan je treinreis dus goed met de Vy-app of op de website.
Extra tussenstop: de Flåmsbana
Lijkt de rit iets te lang? Dan kan je nog een omweg maken met de Flåmsbana. Op amper 20 kilometer daalt deze zijlijn van 866 meter hoogte helemaal af naar het fjorddorp Flåm, met een gemiddelde helling van 5,5 procent, een van de steilste normaalspoorlijnen ter wereld. Onderweg stopt de trein even bij de Kjosfossen-waterval. Een uur later stap je uit op zeeniveau en kan je in het stadje daalt Flåm overnachten. Hier zit je aan de rand van de Aurlandsfjord en maak je ook heel mooie wandelingen.
Populair is een understatement: de laatste tijd telde de Flåmsbana bijna 1 miljoen reizigers per jaar, en dat cijfer stijgt eerder dan dat het daalt. Het is dus geen geheime tip meer, en een treinrit die je goed moet plannen. In de zomermaanden is de trein snel uitverkocht.
Bernina Express: van Zwitserland naar Italië
Van alle Zwitserse treinen krijgt de Bernina Express nog wel het vaakst het label 'mooiste treinrit van Zwitserland', en absoluut terecht. De trein klimt van Chur of St. Moritz naar 2.253 meter bij Ospizio Bernina, passeert de turkooizen Lago Bianco en de Palü-gletsjer, en daalt via het beroemde ronde viaduct van Brusio (waar de trein letterlijk onder zichzelf doorrijdt) af naar het Italiaanse Tirano. Onderweg passeert hij 196 bruggen, waaronder het iconische Landwasserviaduct dat op elke Zwitserland-poster prijkt.
De Bernina Express is een van de spoorlijnen die als geheel op de UNESCO-lijst staat, samen met de Semmeringbahn in Oostenrijk en een bergspoorlijn in India.
Je ziet alles tijdens je reis op de panoramatrein. De eerste kwartiertjes zijn rustig: weides, houten chalets, een meestromende rivier. Dan begint de klim, in haarspeldbochten omhoog, en verandert het landschap binnen minuten van weide naar naaldbos naar kale rots. Bij het Landwasserviaduct valt het gepraat in de wagon even stil, 65 meter diepte onder je, terwijl de trein zo de rotswand in lijkt te rijden. Hoger op, bij Ospizio Bernina, ligt zelfs in de zomer nog sneeuw, en doemt Lago Bianco op: turkoois-wit water met de Palü-gletsjer op de achtergrond.
De afdaling levert het bekendste beeld op: het ronde viaduct van Brusio, waar de trein onder zichzelf doorrijdt om hoogte te verliezen. Tegen Tirano ben je, in nog geen vier uur, van Zwitserse precisie overgegaan naar Italiaanse terrasjes. Wie vanuit Chur vertrekt, kan de trein makkelijk combineren met een dagje in de stad zelf. Het is de oudste stad van Zwitserland, met een compact historisch centrum dat je zo tussen twee treinen door verkent. (zie ons artikel over een dagje Chur
Linha do Douro
In de 19de eeuw beitelden ingenieurs en hardwerkende mensen hier 26 tunnels en bouwden ze 30 bruggen door de granieten wanden van de Douro-vallei. Toen vooral om vaten portwijn richting de kust krijgen, maar vandaag doet de Linha do Douro het omgekeerde. Ze brengt bezoekers de vallei in om die wijn bij de bron te proeven. De lijn loopt van Porto 160 kilometer tot het bescheiden eindstation Pocinho. Je volgt grotendeels de rivier, terrasvormige wijngaarden, quinta's tegen de heuvels en kleine stationnetjes die al een eeuw ongewijzigd zijn.
Het traject voert door de Alto Douro-wijnstreek, de oudste afgebakende wijnregio ter wereld (vanaf 1756) en sinds 2001 UNESCO-werelderfgoed. Je kan altijd met de trein naar de wijnstreek, maar voor de historische stoomtrein moet je wel wat bijstellen. De trein wordt niet meer door een stoomlocomotief getrokken, maar een dieselmachine uit de jaren '60. De historische rit maak je ook enkel van juni tot oktober.
De Douro-vallei
Het landschap waar de trein doorheen rijdt, is prachtig en bijzonder. De wijnterrassen zijn eeuwenlang met de hand bewerkt, al sinds de monniken ermee begonnen. Toen Portugal in 1703 het Methuen-verdrag met Engeland sloot, ontstond de vraag naar port die de hele regio veranderde: Britse handelshuizen vestigden zich, en in 1756 richtte de Markies van Pombal, kort na de verwoestende aardbeving van Lissabon, de Real Companhia Velha op om de wijnhandel te ordenen. Zo werd de Douro de oudste officieel afgebakende en beschermde wijnregio ter wereld.
Vandaag draait hier alles om de quinta's, de wijnhuizen en wijnboerderijen van deze Portugese regio. Sommige zijn grootschalige bedrijven van bekende porthuizen, andere piepkleine bedrijfjes waar dezelfde familie al vijf generaties de druiven perst. In de zomer, en vooral in september, is het de mooiste periode om de plek te bezoeken, en je kan misschien zelfs meehelpen met de oogst!
TIP: Geniet van de landschappen van de Dourovallei tijdens deze dagtrip vanuit Porto. Proef portwijn en olijfolie, geniet van een traditionele lunch en ontspan tijdens een cruise over de rivier de Douro. Meer info en boeken
West Highland Line in Schotland
Je kent het traject misschien minder goed, maar één plek op deze treinrit is wereldberoemd: het Glenfinnan-viaduct met haar 21 boogbruggen. Het is wereldberoemd sinds de Hogwarts Express er in de Harry Potter-films hier overheen denderde. Maar de rest van de treinreis verdient minstens evenveel aandacht. De Jacobite stoomtrein rijdt van Fort William naar Mallaig, 66 km door de Schotse Hooglanden, langs zeeloches, ruige bergen en witte zandstranden, in iets meer dan twee uur.
Met een dieselmotor die stoom nabootst rijd je door het Schotse landschap: dit is een echte, werkende stoomlocomotief uit 1984, met rijtuigen uit de jaren '50 en '60. Op het viaduct zelf vertraagt de trein, maar veel langer dan 30 tot 45 seconden duurt die beroemde blik niet. Het succes heeft natuurlijk wel een keerzijde, tickets raken in het hoogseizoen ook weer snel uitverkocht, en je bezoekt Glenfinnan liefst buiten de zomermaanden.
Wil je het viaduct zelf zien in plaats van erop te zitten? Ga dan niet met de trein, maar wandel er langs. Het uitzicht op de curve is beter vanaf de heuvel ernaast dan vanuit de wagon. Schotland is dan ook een uitstekende bestemming voor een roadtrip, je hoeft niet per se in de Jacobite te zitten. Wie met de auto komt, parkeert bij de Glenfinnan Community Car Park naast het bezoekerscentrum van de National Trust for Scotland. Na de treinrit moet je zeker ook de rest van de Highlands ontdekken, zoals Glencoe of Ben Nevis.
Praktisch: de Jacobite rijdt normaal van mei tot oktober, dagelijks om 10:15 uur. Boek rechtstreeks bij West Coast Railways, tickets raken in het hoogseizoen weken op voorhand uitverkocht. En als je toch geen ticket hebt kunnen bemachtigen, is het zicht op de trein minstens zo spectaculair.
Bohinjska proga: Nova Gorica–Jesenice
Vergeleken met de andere treinreizen uit de lijst is dit een wat onbekendere naam. De Bohinjska proga (Bohinjlijn) in Slovenië verbindt Nova Gorica met Jesenice, aan de voet van de Julische Alpen, in ongeveer twee uur. Je reist dwars door 36 tunnels en over 53 bruggen en viaducten. De langste tunnel, de Bohinjtunnel, is met 6.327 meter de langste spoortunnel van Slovenië. Onderweg passeer je de Solkanbrug, met de grootste stenen boog van alle spoorbruggen ter wereld (85 meter), en de rivier de Soča, die in een ongelooflijk turkooizen blauw meestroomt met het traject.
Verder naar Italië
Er zijn nog grotere ambities voor deze treinreis. Want eenmaal aangekomen in Nova Gorica moet je zelf nog overstappen om verder naar Italië te reizen. Een rechtstreekse treinverbinding zou dus voor de hand liggen, maar de Sloveense dieseltreinstellen mogen momenteel nog altijd niet de grens over naar Italië. Twee steden, één plein, maar geen volledige treinrit.
Semmeringbahn: van Wenen tot Graz
Tussen 1848 en 1854 groeven meer dan 20.000 arbeiders zich een weg door de Alpen, zonder de bouwmachines die we vandaag vanzelfsprekend vinden. Het resultaat: 41 kilometer spoor tussen Gloggnitz en Mürzzuschlag, 457 meter hoogteverschil, 16 tunnels, 16 viaducten en meer dan 100 stenen bruggen, de eerste echte bergspoorlijn ter wereld. In 1998 werd de Semmeringbahn in Oostenrijk als allereerste spoorlijn ooit op de UNESCO-werelderfgoedlijst gezet.
Praktisch: je hebt geen apart ticket nodig, een gewoon treinbiljet Wenen-Graz volstaat, en je zit sowieso op deze lijn.
Wat deze treinreis vooral zo mooi maakt, je hebt geen speciale panoramatrein of dure toeslag, en alles voelt nog normaal. Maar dat wil niet zeggen dat ze de treinreis zo zullen laten. Sinds jaren is er sprake van de Semmering-Basistunnel, die de rit tussen Wenen en Graz met 35 minuten moet inkorten. Die tunnel zou oorspronkelijk in 2026 klaar zijn, dat jaar is intussen stilletjes verschoven naar 2030. Tot dan blijft de historische route, met al haar bochten en viaducten, gewoon de hoofdweg tussen de twee steden.
Ligne des Cévennes: Clermont-Ferrand–Nîmes
We eindigen met een treinreis niet zo ver weg, 238 kilometer in de Cevennen door Frankrijk. De Ligne des Cévennes, beter bekend als Le Cévenol, kronkelt van Clermont-Ferrand door de bergen van de Cévennes naar Nîmes, langs ravijnen, viaducten en dorpjes waar de trein soms de enige verbinding met de buitenwereld is. Geen glazen panoramadak, geen verplichte reservering met toeslag, het is gewoon een reguliere Intercités-trein die toevallig door een van de mooiste onderschatte landschappen van Frankrijk rijdt.
Een tiental jaren geleden reed deze trein nog door tot Marseille, maar sindsdien stopt hij in Nîmes en moet je overstappen om de regio Provence-Alpes-Côte d'Azur te gaan ontdekken. Je bent zelf vrij om te kiezen, want in deze regio heeft elke treinrit wel iets speciaals. Maar de rit van Langogne naar Nîmes raden we toch echt wel aan. De uitzichten over het Franse landschap zijn vaak adembenemend!
Met de fiets op de trein
Wie in de Cévennes wil afstappen, doet dat het best met de fiets! De streek zelf is een echte fietsbestemming en leuk om te combineren met je treinreis. Je vindt de mooiste lussen in de Franse regio. Van rustige ritten langs de rivier tot pittige bergtrajecten voor wie liever klimt. Gravel, mountainbike of gewone racefiets: de variatie aan terrein maakt dat bijna elk niveau hier zijn ding vindt, en de dorpjes onderweg voelen als een ontdekking aan in plaats van een toeristenstop. Stap bijvoorbeeld af in Villefort of Génolhac, kleine stationnetjes midden in het wandel- en fietsgebied van de Cévennes.
Reken op de trein wel op een kleine fietsreservering van een aantal euro. Reserveer je fietsplaats makkelijk bij het boeken van je treinticket via SNCF Connect. Hier kies je eenvoudig voor elk soort ticket en reis je zonder zorgen door Frankrijk.
Waarom reizen met de trein?
Met de trein door Europa reizen heeft best wel wat voordelen. In de eerste plaats omdat het beter is voor het klimaat, want een vliegreis binnen Europa stoot gemiddeld vijf keer meer CO2 uit dan dezelfde afstand per trein. Het jammere is wel dat diezelfde trein vaak dubbel zo duur is als het vliegtuig. Zolang kerosine onbelast blijft, zal de trein meestal een ecologische maar ook duurdere keuze zijn.
Waar je niet meteen aan denkt, en toch een mooie reden is om de trein te nemen: het is een sociale manier van reizen. Onderweg zijn met de trein is altijd een avontuur en zit vol lokale beleving. Je zit tegenover vreemden en je gaat al snel eens een gesprek aan met mensen vanuit verschillende landen. Zeker op langere treinritten zoals de Bergensbanen of de nachttrein, is een leuke ontmoeting nooit ver weg. Reis je graag alleen, dan is een trein de ideale manier om contact te houden met anderen. En wie weet krijg je wel de beste tips voor je bestemming.
En waar het allemaal om draait: met een treinrondreis ontdek je de mooiste plekjes in Europa. Naast ons lijstje vind je nog tal van andere prachtige routes. Denk maar aan de Malmbanan door Zweeds en Noors Lapland, de Glacier Express tussen Zermatt en St. Moritz of de Circumetnea die rond de voet van de Etna kronkelt. Dit is nog maar het begin, en zeker geen eindstation.