Ontdek de Cevennen in Zuid-Frankrijk: 15 x wat zeker zien & doen tijdens jouw bezoek?
Bij het horen van de Cevennen gaat misschien geen belletje rinkelen? Niet zo gek, want deze regio in het zuiden van Frankrijk valt een beetje buiten de klassieke routes. Hier geen drukke badplaatsen of grote toeristische steden, maar wel een schitterend, uitgestrekt landschap van bergen, diepe valleien en kleine dorpen. Het is een plek waar natuur en stilte nog de bovenhand hebben. Wij hebben alvast de mooiste plekken en bezienswaardigheden voor je opgelijst voor jouw bezoek aan de Cevennen.
Inhoud artikel
Waar liggen de Cevennen op de kaart?
De Cevennen liggen in het zuiden van Frankrijk, niet zo ver van de kust en steden als Montpellier en Avignon. De Cevennen zelf vormen de zuidoostelijke rand van het Massif Central, dus ze liggen een beetje tussen verschillende “werelden” in. Ten zuiden heb je die mediterrane invloed, ten noorden richting het binnenland van Frankrijk wordt het iets ruiger en koeler, maar nog steeds zeer aangenaam.
Wat bereikbaarheid betreft: met de auto is de beste en meest comfortabele optie. Vanuit België rijd je meestal via Lyon naar beneden en dan richting het zuiden via Saint-Étienne, of via de Rhônevallei. Het laatste stukje van de route gaat dan vaak over kleinere, bochtigere wegen, wat al meteen een voorproefje is van de streek zelf. Vergeet af en toe niet om de auto even aan kant te zetten en de omgeving ook al wandelend te verkennen: misschien wel dé beste en mooiste manier om de regio te verkennen.
Kaartje met de bezienswaardigheden van de Cevennen
Parc national des Cévennes
Wanneer je de Cevennen op de kaart hierboven bekijkt, zie je dat het omringd wordt door verschillende natuurgebieden. Het centrale deel is natuurlijk het Parc national des Cévennes zelf, misschien wel een van de meest bijzondere natuurgebieden van het land. In tegenstelling tot veel andere nationale parken is het hier niet alleen maar natuur: er wonen nog steeds mensen, vaak in kleine dorpjes of op afgelegen boerderijen.
Het landschap zelf is verrassend veelzijdig, maar eerder subtiel dan spectaculair. Je vindt er geen hoge bergtoppen zoals in de Alpen, maar wel uitgestrekte plateaus, spectaculaire kloven, glooiende bergen, kastanjebossen en diepe valleien. Hier en daar, bijvoorbeeld rond de Mont Lozère, heb je weidse uitzichten die vooral indruk maken door hun rust en grootsheid.
Bijzondere fauna en flora
Ook op vlak van natuur heeft het park heel wat te bieden. Met een beetje geluk spot je onderweg misschien wel een paar edelhertjes, moeflons, bevers of reeën. En wie goed kijkt tijdens een wandeling in de bossen, ziet tussen het groen ook enkele zeldzame plantjes. Denk maar aan de venusschoenorchidee of de Balearische cyclamen. Sommige soorten kan je zelfs alleen maar in de Cevennen tegenkomen, zoals de steenbreek of de Cevennenrotskers.
👉 Wil je meer te weten komen over de natuur, wandelroutes of het park zelf? Dan kan je terecht bij een van de drie bezoekerscentra in Florac, Génolhac en bij de Serreyrède-pas. Hier helpen ze je graag verder op weg.
Omringd door drie natuurgebieden
Daaromheen heb je dus nog een aantal andere beschermde regio's die bijna naadloos in mekaar vloeien. Naar het noorden en westen toe gaat het landschap over in het Parc naturel régional de l’Aubrac en het Parc naturel régional des Grands Causses. Twee totaal andere landschappen dan de Cevennen. Hier vind je meer open plateaus, enorme kalkvlaktes en die typische "causses", ook wel droge hoogvlaktes genoemd. Aan de oostkant sluit het zowat aan op het Parc naturel régional des Monts d’Ardèche en aan de zuidkant, richting de Middellandse Zee, verandert het landschap opnieuw een beetje. Daar kom je dan weer in een gebied met meer mediterrane invloeden. Een bijzonder leuk contrast.
Uitzicht op Cirque de Navacelles
Cirque de Navacelles is best indrukwekkend, vooral als je er naar kijkt van bovenaf! Cirque de Navacelles, staat in het Frans voor het zogenoemde "keteldal van Navacelles". Deze 300 meter diepe vallei is het gevolg van de instorting van kalksteenplateaus en het droogvallen van een meander van de Vis. Te midden van die vallei vind je wel nog het kleine dorpje Navacelles en kan je er ook de muilezelbrug, de waterval en de kerkruïnes bewonderen.
Onze tip? Stop bij een van de uitzichtpunten zoals Blandas of Baume-Auriol bovenaan, gewoon om het bijzondere landschap in zich op te nemen en rijd nadien door naar het dorpje, waar je nog even kan rondwandelen. Er zijn ook - best uitdagende - wandelroutes die je langs de rand van de cirque laten lopen, of die je van boven naar beneden brengen. Meer informatie over deze plek kan je vinden bij Maison du site, waar je tevens ook iets kan eten, een winkeltje met streekproducten vindt en gratis rondleidingen kan regelen.
Sterrenkijken op de Mont Aigoual
De Mont Aigoual is, met zijn 1.567 meter hoogte, de op één na hoogste berg van de Cevennen. Er zijn verschillende wandelpaden die je helemaal naar de top brengen, waarvan sentier des Botanistes en Sentier des 4000 Marches de bekendste paden zijn. Van deze mooie bergtop heb je bij helder weer een waanzinnig uitzicht, soms zelfs tot aan de Middellandse Zee. Bovendien vind je hier ook het enige actieve weerstation van Europa (Météo France) dat nog bemand is. Wie wil, kan een bezoekje plannen aan het observatorium en bijleren over de geschiedenis van het Aigoual-massief en het klimaat.
👉 Weetje: dit is een van de beste plekken in de regio om 's nachts naar de sterren te kijken.
Alès, de 'hoofdstad' van de Cevennen
De grootste stad in de Cevennes is Alès en wordt ook wel eens de hoofdstad van dit gebied genoemd. "Hoofdstad" is misschien veel gezegd, maar Alès vormt al lange tijd het economische en administratieve centrum van de streek. Vooral in de 19e en begin 20e eeuw toen de stad een grote rol speelde in de zijdeteelt en de mijnbouw. Bovendien wordt de stad, vanwege zijn gunstige ligging, ook vaak gezien als ideale uitvalsbasis om de Cevennen te verkennen.
Struin door de oude binnenstad met charmante straatjes, vele leuke designerwinkels en restaurants, ga lekker rondneuzen tussen de lokale streekproducten op de overdekte markt Halles de l’Abbaye en bezoek eens de kathedraal Saint-Jean Baptiste of de protestantse tempel.
Mine Témoin d'Alès
Een bezoekje aan het Mine Témoin d'Alès, net buiten de stad, mag ook zeker niet ontbreken. In dit museum stap je letterlijk in het spoor van de mijnwerkers en ontdek je het rijke mijnverleden van de Cévennes. Generaties lang werden hier mijnwerkers opgeleid en draaide alles rond de steenkoolwinning; vandaag daal je met een lift af in de mijn en verken je de 700 meter lange tunnels. Neem plaats in de mijnwagons en luister naar de gids, die gepassioneerd vertelt over het kolenverleden van de stad. Aan de hand van de waxfiguren die bepaalde situaties uitbeelden, is het nog net iets leuker om je heel even in de schoenen van de mijnwerkers te plaatsen.
Een onvergetelijke vakantie in de Cevennen?
Op zoek naar een aangenaam verblijf of een leuke activiteit voor je vakantie in de Cevennen? Er zijn tal van mogelijkheden: van luxe chalets met panoramisch uitzicht en kindvriendelijke resorts tot gezellige berghutten en authentieke appartementen. Haal daarnaast ook het beste uit de regio en overweeg een leuke uitstap, wandeltocht of activiteit. Hieronder vind je alvast een paar van onze aanbevelingen.
Booking → Boek je chalet, appartement of hotel bij BOOKING.com
Goboony → Trek naar de Cévennes met een camper
ANWB → Ga kamperen in de prachtige natuur van de Cevennen
Anduze, stad van de beroemde terracotta vazen
Anduze wordt vaak de "poort naar de Cevennen" genoemd, vooral als je vanuit het zuiden komt. Deze kleine, maar pittoreske stad ligt aan de Gardon en heeft een centrum met oude straatjes, middeleeuwse huizen en pleintjes waar het gezellig vertoeven is. Groot is de stad niet, maar je vindt er wel enkele bezienswaardigheden zoals de 14e-eeuwse klokkentoren, de felgekleurde pagodefontein en de kerk van St. Stephen.
Vase d'Anduze
Ooit al eens gehoord van de vazen van Anduze? Ofwel de grote decoratieve bloempotten, gemaakt van aardewerk met slingers, ornamenten en telkens mooi versierd. Een eeuwenoude ambacht dat uitgeoefend werd door de lokale pottenbakkers van Anduze en zo'n reputatie verwierf dat ze al snel vele Franse kasteeltuinen, parken en oranjerieën sierden. Langs de Route du Vase d’Anduze kom je vandaag langs negen pottenbakkerijen, die de traditionele technieken in ere houden.
Een ritje met de stoomtrein door de Cevennen
Ook leuk wanneer je in Anduze bent, is een ritje met de stoomtrein naar het charmante Cevennendorpje Saint-Jean-du-Gard. Aan boord van deze historische stoomlocomotief maak je een idyllische reis van 13 km door het landschap van de Cévennes. De lijn volgt de Gardon-vallei en je rijdt dus langs rivier, rotsen en beboste hellingen. Een leuke ervaring voor zowel jong als oud.
La Bambouseraie en Cévennes
Een andere bezienswaardigheid in de buurt van Anduze is La Bambouseraie. Een soort park dat helemaal ingericht is op bamboe en Oosterse tuinen; een ontwerp naar de visie van de gepassioneerde Eugène Mazel. Deze man begon aan de helft van de 19de eeuw met zijn eerste aanplantingen op de plek waar je nu de bamboetuin kan vinden. Intussen wandel je hier tussen maar liefst 1000 verschillende soorten bamboe, bomen en bijzondere planten. Een zeer leuke ontsnapping aan de drukte.
Enkele blikvangers zijn de Sequoialaan, waar je tussen de 25 meter hoge bamboe wandelt, het Laotiaanse dorpje, de Eugène Marie-vijvertuin en het plantenlabyrint. Wie geen last heeft van hoogtevrees kan het netparcours boven de bamboe eens uittesten.
Vézénobres, het vijgendorpje
Vézénobres is een zeer karakteristiek middeleeuws dorpje op meer dan 200 meter hoogte. Om het heuveldorp te bereiken, heb je een paar stevige schoenen nodig en moet je zo’n zestig trappen op. Hier wandel je door de smalle straatjes die je in de middeleeuwen doen wanen en waar de stenen romaanse huizen tegen de helling lijken te plakken.
In en rondom het centrum vind je ook enkele kastelen: het 800 jaar oude Château Fay-Perault, waarvan helaas alleen ruïnes zijn overgebleven, Château de Calvières en het kasteel Girard, waar nu het toerismekantoor en het Vijgenhuis in gevestigd zitten.
👉 Goed om te weten: dit dorpje staat bekend om zijn hitte. Vooral in de zomer kan het behoorlijk warm worden, dus wees goed voorbereid: een hoed of pet en een fles water zijn echt geen overbodige luxe.
Vijgendorp
Vézénobres staat ook bekend om zijn vijgen en heeft zelfs een museum dat gewijd is aan deze vrucht. Bij Maison de la Figuer leer je alles over de geschiedenis, teelt en verwerking van vijgen en in het winkeltje kan je allerlei producten verkrijgen op basis van vijgen. Je kan er een rondleiding volgen, workshops, proeverijen, alsook kooklessen en een kijkje nemen op de erfgoedboomgaard met maar liefst 800 vijgenbomen.
De vijgen zijn een typisch streekproduct uit de Cevennen en dragen een lange, rijke geschiedenis die teruggaat tot de Romeinse tijd. Men ontwikkelde door de eeuwen heen een traditie waarbij men de vijgen droogde op beschutte terrassen (de zogenaamde “calaberts”). Althans dat was het geval bij de rijken; bij de arme families werden de vijgen gedroogd aan een metalen stang die aan de gevels hing. Vandaag de dag kom je deze nog steeds tegen in het dorpscentrum.
Weetje: een andere vrucht die veel voorkomt in de Cevennen is de kastanje.
Met de kajak door de Gorges du Tarn
Gedurende miljoenen jaren heeft de rivier de Tarn de kalksteen van het Massif Central uitgesleten tot een netwerk van kronkelende valleien en kloven; Gorges du Tarn is daar een mooi voorbeeld van. De diepe kloof is zo'n 50 kilometer lang, begint bij Le Rozier en eindigt bij het plaatsje Ispagnac en is op sommige plekken maar liefst 500 meter diep.
Hoog op de hellingen van de kloof kan je cultuur opsnuiven bij een van de kastelen of grotten, terwijl je beneden lekker kan kajakken en kanovaren door de rivier. Mag het nog iets avontuurlijker? Dan is rotsklimmen, de via ferrata of paragliden misschien eerder iets voor jou. In het smalste deel van de kloof ligt Saint-Enimie, een dorpje dat reeds werd uitgeroepen tot “Plus Beau Village de France”. Hier kan je een korte tussenstop maken, even rondwandelen door de straatjes met middeleeuwse kalkstenen huizen en genieten van een terrasje. Rijd nadien nog even door naar het uitzichtpunt Pointe Sublime, vlakbij La Malène. Vanaf dit punt heb je namelijk een waanzinnig mooi uitzicht over de kloof.
Gorges du Tarn is niet de enige rivierkloof. In dezelfde regio heb je ook de Gorges de la Jonte, die misschien wat minder bekend is maar minstens even mooi is op een meer “ruige” manier.
Bezoek de grotten van de Cevennen
Een groot deel van de Cévennen bestaat uit kalksteen, een steensoort die heel langzaam oplost in water. Door regen die in de grond sijpelt, wordt telkens een klein beetje kalk meegenomen. Dat lijkt weinig, maar over duizenden en miljoenen jaren ontstaan zo onder de grondgangen, grote ruimtes en zelfs complete grottenstelsels. Er zijn in deze regio dan ook best wat grotten te vinden. Een ideale uitstap bij slecht weer of als je op zoek bent naar verkoeling. Een bekend voorbeeld is de Aven Armand-grot, zo’n typische druipsteengrot met een enorme ondergrondse zaal vol stalagmieten.
- Een andere is de Grotte de Trabuc in Mialet met ondergrondse meertjes en kleine stalagmieten die ook wel het Terracotta-leger genoemd worden.
- Grotte de Dargilan, die soms de “roze grot” wordt genoemd door de kleur van het gesteente.
- Grotte de la Salamandre, niet ver van Barjac, is bekend om zijn reuzenkristallen en de mooie licht- en geluidshow.
- En dan heb je nog de Grotte des Demoiselles, iets meer richting het zuiden. Ook hier vind je een gigantische ondergrondse zaal (la chatédrale) met veel indrukwekkende formaties.
Het zijdeverleden van de Cevennes in Musée de la Soie
Bij Musée de la Soie komt de zijdegeschiedenis helemaal tot leven. De zijde-industrie was vooral belangrijk van de 17e tot de 19e eeuw. Het klimaat in de Cévennen, vooral aan de zuidkant, bleek ideaal voor moerbeibomen. En laat dat nu net de bomen zijn waarvan de bladeren gebruikt worden om zijderupsen te voeden. Daardoor ontstond er een hele lokale economie rond het kweken van die rupsen en het verwerken van zijde.
In veel dorpjes, zoals Saint-Jean-du-Gard, had je vroeger zogenaamde “magnaneries”: ruimtes in hun huis waar ze zelf zijderupsen hielden. Je kan je voorstellen: kamers vol rekken met rupsen die de hele dag bladeren eten. Het was vaak hard werken, maar voor veel families een belangrijke bron van inkomen. In het zijdemuseum, in het dorpje Saint-Hippolyte-du-Fort, krijg je alvast een kijkje in de zijderupsenkwekerij en je ontdekt stap voor stap hoe een zijderups uiteindelijk verandert in een fijne zijden stof.
Vélorail des Cévennes
Zin in een leuke, actieve activiteit? Dan is de Vélorail des Cévennes wellicht iets voor jou! Een oud spoortraject waar geen gewone treinen meer rijden, maar waar ze “fietsen op rails” hebben geplaatst! Met twee of vier personen kruip je op zo'n karretje en trap je jezelf vooruit over de spoorlijn door het prachtige Cévennenlandschap. Trappen is belangrijk om verder te geraken, maar vergeet onderweg ook zeker niet te genieten van het mooie uitzicht op het weelderig groene landschap.
De route loopt namelijk tussen de stations Thoiras en Générargues, langs een rivier, door groen, soms door kleine tunnels of bruggen. Vooral het uitzicht bij viaduct Thoiras-Lasalle is best indrukwekkend! Wat het vooral leuk maakt, is dat het een heel andere manier is om de streek te beleven én je hoeft niet sportief te zijn om dit te doen! Meer info.
De watervallen van Saint-Laurent-le-Minier
De watervallen van Saint-Laurent-le-Minier herken je ter plekke misschien wel beter als "la cascade de la Vis". Deze watervallen werden ooit aangelegd als onderdeel van een oud water- en irrigatiesysteem dat gebruikt werd voor molens en industrie in het dorp. Daar zie je maar weinig van, want de dag van vandaag is het een populaire hotspot waar mensen gaan zwemmen. De setting is bovendien erg mooi; je zit daar te midden van de vallei van de rivier de Vis, omringd door rotsen, prachtig groen en de waterval die in meerdere lagen naar beneden stroomt en zo een natuurlijk zwembad vormt. Heerlijke plek, maar het kan er soms best druk zijn.
Ontdek nog meer charmante dorpjes van de Cevennen
Aumessas met het Château de la Rode
Het ingetogen dorpje Aumessas ligt in een vallei, langs een kleine rivier zonder veel toeristische drukte. Hier vind je met bloemen omzoomde geplaveide straten, gewelfde doorgangen, prachtige oude (koopmans)huizen, groen rondom, en vooral veel rust. Verwacht hier dus niet de ene topbezienswaardigheid na de andere. Je ziet er nog de kerk met kenmerkende klokkentoren, de protestantse tempel, het imposante viaduct maar dé blikvanger is wellicht het kasteel van La Rode uit de 13de eeuw. Je kan het kasteel niet bezichtigen, omdat het privé-eigendom is.
Aujac
Aujac is nog zo'n rustig, afgelegen dorpje gebouwd rondom de romaanse kerk met opvallende klokkentoren. Vooral de ligging rond het Château le Cheylard d'Aujac maakt het vrij speciaal. Het kasteel ligt vrij dominant boven het dorp en geeft het geheel een soort tijdloos karakter. Ook de omgeving is zeer typisch voor de Cevennen: veel groen, heuvels, kastanjebossen en kleine weggetjes die uitnodigen om te wandelen. Je geniet hier bovendien van een uitzonderlijk mooi panorama op de Mont Lozère.
Dourbies
Het karaktervolle dorpje Dourbies ligt wat hoger in de Cevennen, richting Mont Aigoual. Hier kom je vooral naartoe om te genieten van de ongerepte natuur en te wandelen in de uitlopers van de Grands Causses. In het dorpje zelf vind je sfeervolle straatjes, een grote kerk, fonteinen, een oud washuis en de rivier de Dourbie.
Overnachten in de Cevennen
Wil je graag zoveel mogelijk zien van de Cevennen, dan kan je best een paar dagen overnachten in deze regio. Als je voor het eerst gaat en een mooie mix wil van natuur en wat leven, kies dan voor de omgeving rond Saint-Jean-du-Gard, Alès of Anduze: makkelijk bereikbaar, levendig, en toch snel in de natuur. Wil je rustiger en centraler zitten, dan is Florac ideaal, midden in het Parc national des Cévennes en perfect om de hele regio te verkennen. Hieronder alvast enkele aanraders voor jouw bezoek aan de Cevennen:
- Logis Hôtel Restaurant Le Pradinas, een oude boerderij omgebouwd tot een charmant hotel met buitenzwembad, bij Mialet. Het ligt echt in de vallei tussen Anduze en Saint-Jean-du-Gard, dus je zit vrij centraal in het zuidelijke deel van de Cévennen, maar tegelijk heel rustig en omringd door natuur. Meer info en boeken.
- Iets meer luxe bij Couvent de la Salette & Spa, een oud klooster heringericht tot een klein, stijlvol hotel met spa. Meer info en boeken.
- Eerder op zok naar een camping? Slow Village Anduze ligt midden in het groen, langs de rivier de Gardon en biedt niet alleen kampeerplaatsen, maar ook moderne cottages in het groen, vaak met veel privacy en uitzicht op de heuvels. Meer info en boeken.
Mis niets met onze reisgids Occitanië
Herkenbaar: Bij je bezoek aan dit prachtige stukje Frankrijk wil je zeker zijn dat je niets mist tijdens je bezoek? Koop onze volledige reisgids Occitanië met een uitgewerkte autoroute, 3 stadswandelingen, tips + verborgen pareltjes. Eerst uitproberen? Download alvast je gratis preview reisgids om in de stemming te komen en ga op pad!